Zo werkte de Algemene Hulpdienst de wachtlijst grotendeels weg

Pakweg een jaar geleden kon het nog gebeuren dat er in drukke periodes 150 vragen openstonden bij de Algemene Hulpdienst. Tegenwoordig staat de teller meestal zo ronde de 25 tot 30 hulpvragen die nog op een vrijwilliger wachten. Een enorme prestatie, door extra handen én strenge keuzes maken.

Elke dag bellen hulpverleners en gewone inwoners van Utrecht met vragen voor de hulpdienst. Ze zoeken vrijwilligers die op bezoek komen, de tuin doen, de taal oefenen, meegaan naar het ziekenhuis, een plafonnetje witten, een plank ophangen, de zolder helpen opruimen, noem maar op. In totaal 24 telefoonvrijwilligers en stagiairs werken allemaal één of meerdere dagdelen om die vragen opgelost te krijgen door de inzet van zo’n 500 vrijwilligers. In 2016 losten ze ruim duizend vragen op; van een eenmalige klus in huis tot een wekelijks gezelligheidsbezoek.

De consulenten Jos Verbeij, Gonny Bruggenkamp en Vera Linssen besteden een groot deel van hun werkweek aan het begeleiden van dit proces. Door uitbreiding van het team kwam er ruimte om het werk structureel te verbeteren en de wachtlijst te bekorten.

(In deze infographic ziet u de cijfers en maatregelen samengevat)


Werkervaringsplekken

Zo zijn er werkervaringsplekken op kantoor; werkzoekenden die moeilijk aan het werk kunnen komen, vinden op kantoor aan de Kromme Nieuwegracht weer structuur, een werkplek, collega’s en zelfvertrouwen. Het UWV geeft toestemming voor dit vrijwilligerswerk. “We hebben nu al vijf, zes mensen via deze weg gevonden”, vertelt Vera.  “Natuurlijk is er ook verloop, als mensen weer een baan krijgen.”


Nieuwe vrijwilligers

Via extra advertenties in DUIC en Stadsblad/De Brug heeft de Algemene Hulpdienst extra vrijwilligers gevonden. Het streven was altijd al om nieuwe vrijwilligers na de intake meteen een klus te geven. Elke maand checkt Vera nu in het systeem of nieuwe vrijwilligers inderdaad al aan de slag zijn. Zo niet, dan wordt bij de vrijwilliger een klus gezocht. Vera: “Die mensen willen graag aan de slag en dat moet je belonen.” Nieuw is een formule waarbij nieuwkomers die niet voldoende Nederlands spreken om zelfstandig op pad te gaan, met een ervaren vrijwilliger samen een klus gaan doen. Zo biedt de Hulpdienst ook een extraatje aan de vele mensen die graag de taal willen oefenen.


Grenzen aan grote klussen

Elk voor- en najaar komen er veel tuinvragen;  van een stukje onkruid wieden tot heel grote tuinklussen. U Centraal is een samenwerking aangegaan met een leerwerkproject van Wij 3.0. Een leermeester met een paar jongeren kan maximaal vijftig grote tuinklussen doen, de cliënt betaalt dan 5 euro per uur. Ook heeft Stichting Present regelmatig groepen vrijwilligers die graag op een bepaalde dag hun handen uit de mouwen steken.


In 1986 schreef de Algemene Hulpdienst op een poster: de hulpdienst zegt nooit nee. Nog steeds is ‘nee’ niet zo gebruikelijk, maar doorverwijzen is soms beter dan beloven. Vera: ”Het is nu duidelijker geworden waar men ons op kan bevragen en wat een ander beter kan. We zijn meer gaan begrenzen. Als onze vrijwilligers maximaal vier uur ergens naartoe gaan, dan moeten we niet een vraag aannemen om een hele woning te schilderen en behangen. We adviseren de cliënt over waar hij terechtkan, zodat hij wel wordt geholpen.”


Wachten hoeft dus niet meer bij de Algemene Hulpdienst? Dat kunnen Vera en haar collega’s niet beloven. “De zomer wordt weer een kritieke periode, doordat stagiaires die veel bezoek- en boodschappenklussen doen, weggaan. Dan komen er zo weer dertig bezoekvragen op de wachtlijst bij. Een klusvrijwilligers kun je veertig keer per jaar inzetten, bij verschillende mensen. Een bezoekvrijwilliger is na de koppeling aan een cliënt meteen het hele jaar onder de pannen en kan dus maar één persoon helpen. Gelukkig weten we ook dat we in altijd september weer veel nieuwe aanmeldingen krijgen van mensen die vrijwilligerswerk willen doen.”